Mattheus 3
11 En in die dagena kwam2 Johannes de Doper, predikende in de3 woestijn van Judea,
2En zeggende: Bekeert u; want het Koninkrijk van de hemelen is nabij gekomen.
3Want deze is het, van die gesproken is door Jesaja, de profeet, zeggende: De stem van de roependen in de woestijn: Bereidt de weg van de Heere, maakt Zijn paden recht!
4En dezelfde Johannes had zijn6 kledingc van kameelhaar, en een leren gordel om zijn middel; en zijn voedsel was7 sprinkhanen en wilde honing.
5Toen is tot hem uitgegaan Jeruzalem en geheel Judea, en het hele land rondom de Jordaan;
6d En werden van hem gedoopt in de Jordaan,8 belijdende hun zonden.
7Hij dan, ziendee velen van de9 Farizeën en Sadduceën tot zijn doop komen, sprak tot hen:f U adderengebroed! wie heeft u aangewezen te vluchten van de komende toorn?
8g Brengt dan vruchten voort, van de10 bekering waard.
9En denk niet bij u zelf te zeggen:h Wij hebben Abraham tot een vader; want ik zeg u, dat God zelfs uit deze stenen Abraham kinderen kan verwekken.
10En ook is al11 de bijl aan de wortel van de bomeni gelegd; alle boom dan, die geen goede vrucht voortbrengt, wordt omgehakt en in het vuur geworpen.
11Ik doop u wel12 met water tot bekering;k maar Die13 na mij komt, is sterker dan ik,14 Wiens schoenen ik niet waard ben Hem na te dragen;15 Die zal u met de Heilige Geest en met vuur dopen.
12Wiens16 wan in Zijn hand is, en Hij zal Zijn dorsvloer doorzuiveren, en Zijn17 tarwe in Zijn18 schuur samenbrengen, en zal het kaf met onuitblusselijk vuur verbranden.
13l Toen kwam Jezus van Galilea naar de Jordaan, tot Johannes, om van hem gedoopt te worden.
14Maar Johannes weigerde Hem zeer, zeggende: Mij is nodig van U gedoopt te worden, en komt U tot mij?
15Maar Jezus, antwoordende, zei tot hem:20 Laat nu af; want zo past ons21 alle gerechtigheid te vervullen. Toen liet hij van Hem af.
16En Jezus, gedoopt zijnde, is meteen opgeklommen uit het water; en ziet, de hemelen werden Hem geopend, en hij zagm de Geest van God nederdalen,22 gelijk een duif, en op Hem komen.
17En ziet, een stem uit de hemelen, zeggende: Deze is Mijn Zoon, Mijn Geliefde, in Wie Ik Mijn welbehagen heb!