Jesaja 55
11 O2a alle u dorstigen! komt3 tot de wateren, en u,4 die geen geld hebt, komt, koopt en5 eet, ja6 komt, koopt zonder geld, en zonder prijs,7 wijn en melk!
28 Waarom weegt u geld uit9 voor wat geen brood is, en10 uw arbeid11 voor wat niet verzadigen kan? Hoor aandachtig naar Mij, en eet1213 het goede, en laat uw ziel in vettigheid zich verheugen.
314 Neig uw oor, en komt tot Mij, hoort en15 uw ziel zal leven; want Ik zal met u een eeuwig verbond16 maken,17 en u geven de gewisse weldadigheden18 van David.
4Ziet,19 Ik heb20 hem21 tot een getuige van de volken gegeven, een vorst en22 gebieder van de volken.
5Zie,23 u zult een volk roepen,24 dat u niet kende, en25 het volk, dat u niet kende,26 zal tot u lopen, omwille van JAHWEH, uw God, en27 omwille van de Heilige van Israël28, want Hij heeft u verheerlijkt.
6Zoek JAHWEH,29 terwijl Hij te vinden is; roept Hem aan, terwijl Hij nabij is.
7De goddeloze verlate zijn weg, en de30 ongerechtige man zijn gedachten; en hij bekere zich tot JAHWEH, zo zal Hij Zich over hem ontfermen, en tot onze God, want Hij31 vergeeft menigvuldig.
832 Want Mijn gedachten zijn niet uw gedachten, en uw wegen zijn niet Mijn wegen, spreekt JAHWEH.
9Want33 gelijk de hemelen hoger zijn dan de aarde, zo zijn Mijn wegen hoger dan uw wegen, en Mijn gedachten dan uw gedachten.
10Want gelijk de regen en de sneeuw van de hemel neerdaalt, en daarheen niet terugkeert; maar doorvochtigt de aarde, en maakt, dat34 zij voortbrenge en uitspruite, en zaad geve de zaaier, en brood de eter;
11Zo zal35 Mijn woord, dat uit Mijn mond uitgaat, ook zijn, het zal36 niet leeg tot Mij terugkeren; maar het zal doen, wat Mij behaagt, en het37 zal voorspoedig zijn38 in wat, waartoe Ik het zend.
12Want in blijdschap zult u39 uittrekken, en met vrede voortgeleid worden;40 de bergen en heuvelen zullen geschal maken met vrolijk gezang voor uw aangezicht, enc alle bomen van het veld zullen de handen samenklappen.
1341 Voor een doorn zal een denneboom opgaan, voor een distel zal een mirteboom opgaan; en42 het zal JAHWEH wezen tot een naam, tot43 een eeuwig teken, dat niet uitgeroeid zal worden.