Psalmen 80

11 Voor de opperzangmeester, op Schoschannim;2 een getuigenis, een psalm3 van Asaf. 24 O Herder van Israël! neem ter ore, Die5 Jozef als schapen leidde;6 Die tussen de cherubim zit,7 verschijn blinkend. 38 Wek Uw macht op voor het aangezicht van9 Efraïm, en Benjamin, en Manasse, en kom tot onze verlossing. 410 O God!11 breng ons weer, en12a laat Uw aangezicht lichten, zo zullen wij verlost worden. 5O JAHWEH, God van de legermachten! hoe lang zult U13 roken tegen het gebed van Uw volk? 614 U spijst15 hen met tranenbrood, en drenkt hen met tranen uit16 een drieling. 7U hebt ons17 onze buren18 tot een twist gesteld, enb onze vijanden19 spotten onder zich. 8O God van de20 legermachten! breng ons weer, en laat Uw aangezicht lichten; zo zullen wij verlost worden. 9U hebt een21 wijnstok uit Egypte overgebracht, hebt22 de heidenen verdreven, en hebt dezelfde geplant; 10U hebt de plaats voor hem24 bereid, en zijn wortelen25 doen inwortelen, zodat hij het land26 vervuld heeft. 1127 De bergen zijn met zijn schaduw bedekt geweest, en zijn ranken waren28 als cederbomen van God. 1229 Hij schoot zijn ranken uit30 tot aan de zee, en zijn scheuten tot31 aan de rivier. 13Waarom hebt U32 zijn muren doorgebroken, zodat allen, die de weg voorbijgaan, hem plukken? 1433 Het zwijn uit het woud heeft hem uitgewroet, en34 het wild van het veld heeft hem afgeweid. 15O God van de35 legermachten! keer toch weer; aanschouw uit de hemel, en zie, en36 bezoek deze wijnstok, 16En de stam, die Uw rechterhand geplant heeft, en dat37 om de zoon,38 die U Zich gesterkt hebt! 1739 Hij is met vuur verbrand; hij is afgehouwen;40 zij komen om van het schelden van Uw aangezicht. 1841 Uw hand zij42 over de man van Uw rechterhand, over de mensenzoon, die U Zich gesterkt hebt. 19Zo zullen wij van U niet terugkeren; behoud ons in het leven, zo zullen wij Uw Naam aanroepen. 20O JAHWEH, God van de43 legermachten! breng ons weer;44 laat Uw aangezicht lichten, zo zullen wij verlost worden.